Het is vandaag precies twintig jaar geleden dat HTM tramlijn 17 voor het eerst een volledig rondje maakt in Rijswijk. Op maandag 23 augustus 1999 werd tramlijn 17 doorgetrokken naar het Wateringse Veld.

Begin januari 1999 kreeg Rijswijk een tramlijn erbij, tramlijn 17. Toen nog vanaf Den Haag CS (tegenwoordig Den Haag Centraal) naar de Volmerlaan. Tot 23 augustus, want toen werd het tweede gedeelte gereed gemaakt voor de tram. De route die tot de dag vandaag nog steeds volop wordt gebruikt.

Verslag uit 1999
OV-fan Frans Mensonides heeft toentertijd een verslag gemaakt over de eerste dagen van tram 17 richting het Wateringse Veld. Dit geeft een aardig beeld hoe het er twintig jaar geleden aan toe ging. Een stukje Rijswijks geschiedenis.

Het begin
“Om 10.45 neem ik op Centraal Station-Hoog lijn 17, die volgens de lijnfilm nu écht naar Wateringseveld rijdt. De dienstregelingmakers van HTM hebben 37 minuten uitgetrokken voor het ritje. Belachelijk lang. Het komt over een afstand van 10 kilometer neer op een gemiddelde snelheid van nog geen 17 kilometer per uur, een Amsterdams tempo. Wij meenden begrepen te hebben, dat de nieuwe Haagse tramlijnen een sneltramkarakter zouden krijgen!

Het is stil in de tram; maandagmorgen. Bij de Handelskade vier instappers. Wat een belangstelling ineens! Het blijkt een ploeg HTM-kaartjescontroleurs in burger. Die verdienen hun salaris vanmorgen gemakkelijk terug: van de 12 passagiers gaan er drie op de bon. Er zijn steden, waar ze een nieuwe tram eerst eens een poosje gratis laten rijden.

“Gaan wûh dûh hieah nâh eût?”, vraagt een van de controleurs aan de ploegleider, maar die antwoordt: “Neih, jôh. Eegst effûh nâh ût èèndpuhnt! Zèn wûh nog naujt geweis. Effûh sèètsiejûh”.

Ik stap uit bij de halte Volmerlaan, die een halfjaar dienst heeft gedaan als tijdelijk eindpunt. Van hier ga ik het traject te voet verkennen. Vorige week dinsdag is de overloopwissel verwijderd, zodat trams het spoor richting Wateringseveld konden oprijden. Er zijn wat proefritten gehouden. Wethouder Jense van de politieke groepering Onafhankelijk Rijswijk mocht mee, tot zijn grote genoegen. Buurtbewoners zagen Jense pontificaal zitten in dezelfde tram aan het protest waartegen hij zijn politieke carrière te danken heeft.

Even voorbij de gehalveerde Halve Maan ligt het Nieuwe Stationsplein, dat zo niet heet, en dat prachtig is geworden. Behalve de tram stoppen hier de HTM-bussen 18 en 23 en talloze streek- en forenzenlijnen. De routes van 18 en 23 zijn uit elkaar getrokken; elk bedienen ze nu een apart stuk van de wijk Steenvoorde. Bij het vervoersknooppunt op het Nieuwe Stationsplein komen ze weer bij elkaar. Lijn 18 moet daarvoor een haarspeldbocht maken en lijn 23 een Z-bocht. Het zal de reiziger nog wel enige tijd kosten, voordat hij door heeft, welke lijn waar stopt.

Verder gaat mijn wandeling, langs de Boogaard en over de Prinses Beatrixlaan. Hier rijdt de tram in de middenberm. Een kleine kilometer verderop zwenkt hij rechtsaf het weiland in. De plannenmakers hebben gekozen voor de “landelijke” variant: de route achter de flats van de Hendersonstraat om. Het zal wel een mooi uitzicht opleveren, vanuit de tram, maar aan de halte Weidedreef is alle kennis, die de afgelopen eeuw verzameld is over sociale veiligheid, geheel en al voorbij gegaan. De buurtbewoners zijn er qua OV niet op vooruit gegaan: een dicht busnet, met de lijnen 18 en 23, werd vervangen door één gribus van een tramhalte in een weiland.

Weer 600 meter verderop begint de wijk Hoekpolder. In de nabijheid van de WBS (Wethouder Brederode School) staan spoorbomen om te voorkomen dat leerlingen gegrepen worden door het rode of blauwe gevaar dat “HTM-tram” heet. Deze tramoverweg is geen unicum. Ik kan er twee andere opnoemen: op de Graaf Willem de Rijkelaan in Leidschendam en bij de Rijswijkse golfbaan langs de Vliet. Wel uniek is het feit, dat de spoorbomen in de Hoekpolder pas in werking treden als de tram zich op twee meter van de kruising bevindt. De tram moet dus stoppen; daarna gaan de bomen dicht en dan krijgt de tram pas het groene licht. Geen wonder dat de gemiddelde snelheid van het tramverkeer bij de HTM niet bij benadering de 23 kilometer per uur haalt, die ooit als norm is vastgesteld. Toch is er hoop: uit de passeertijden van de trams op lijn 17 maak ik op, dat de rijtijd van 37 minuten inderdaad wat ruim geschat is. De meeste trams richting Wateringseveld liggen een paar minuten vóór op hun schema.

Ik ga asociaal midden in het plantsoen staan om de tram te kunnen fotograferen. De miezerige struikjes zijn toch al platgetrapt door scholiertjes en mede-tramhobbyisten.” Aldus Mensonides

Wateringse Veld
Hij vervolgt: “Voorbij begraafplaats Eikelenburg rijdt de tram met een zwierige bocht over een kanaaltje de Haagse wijk Wateringseveld binnen. Wateringseveld zal ooit 20.000 inwoners herbergen, maar is nu nog één grote bouwput. Telkens als er een auto passeert, waait er een wolk op van fijn woestijnzand. Waarom zei jij niet eerder, dat je zo van mij vervreemd was?, kweelt een zanger die te horen is op de gettoblaster van een bouwvakker. Het lijkt me een vraag, waarin het antwoord reeds ligt opgesloten.

Op de Laan van Wateringse Veld is het keerpunt van lijn 17, en tevens de enige tramhalte in deze wijk. De Laan van Wateringseveld loopt nog verder in noordelijke richting, maar dat gedeelte zal pas in 2003 worden ontsloten door de tram. Tot dat jaar moeten in- en uitrukkende trams 15 kilometer omrijden op weg naar remise Zichtenburg, die hier hemelsbreed nog geen vijf kilometer vandaag ligt.

Ik neem plaats in de abri. Er hangt een poster van een jongeman die zich, met aanstekelijk enthousiasme, bezighoudt met een reeds voor meer dan de helft ontklede deerne. “Chlamydia is overal verkrijgbaar”, luidt het wervende onderschrift. Ze heet dus Chlamydia, deze beschikbare vrouw; een prachtige naam, maar haar telefoonnummer staat niet vermeld.

Opvallend veel mensen stappen in de tram van 13.13. Ze zien er niet uit als railhobbyisten (behalve ik); het zijn vermoedelijk nieuwsgierige wijkbewoners. De tram zet zich in beweging; piepend en knarsend; deze baan is nog niet “ingereden”.

Op alle, letterlijk alle kruispunten in Steenvoorde staat het negenoog op rood; de auto heeft gewoon nog voorrang. In de Plaspoelpolder is de baan het afgelopen halfjaar wél ingereden. De tram rijdt hier lekker soepel, en ook wat sneller; hier is over het algemeen wel voorrang op het overige wegverkeer.

Na een rit van precies 35 minuten arriveert de tram op Den Haag CS.

Paar dagen later
De vrijdag daarop maak ik nog een “slag” met lijn 17. Deze keer in de avondspits, om te zien of de nieuwe lijn zijn vervoersprognoses al een beetje begint waar te maken. Nummer 17 zou volgens optimistische berekeningen van de HTM, na lijn 3 de drukste lijn moeten worden.

De tram van 15.25 van Centraal Station is redelijk bezet; ongeveer 60 passagiers, waarvan een aanzienlijk deel al op het Haagse trajectgedeetle uitstapt. Het tempo zit er vandaag goed in: al na een kwartier passeren we de gemeentegrens van Rijswijk. Het blijft leuk, door de Plaspoelpolder te rijden zonder er te hoeven werken. Ik denk, dat ik dit ritje in de loop van de herfst maar eens een paar keer ga herhalen; de opstekers in je leven moet je koesteren.

Bij het stationsplein, ofwel het “OV-knooppunt”, zoals ze dit in Rijswijk graag noemen, stapt één persoon in; bij het mega-winkelcentrum “In de Boogaard” helemaal niemand. Dit valt me wat tegen; je zou verwachten dat juist die haltes de meeste klanten trekken.

De spoorbomen van de WBS-school reageren nu tijdig. Op de Aletta Jacobslaan in de Hoekpolder staan om de 100 meter knipperlichten en scheepsbellen die in werking treden bij het naderen van een tram. Dit verschijnsel doet zich op een werkdag zo’n 200 keer voor. De buurtbewoners moeten wel gillend gek worden van de hele dag dat gebeier. Ook vanuit de tram is het geen lieflijk gehoor. Ze hebben bellen gebruikt met een onmiskenbaar melancholische klankkleur, alsof de spijt van Jense er in doorklinkt over de tram, die hij niet heeft kunnen tegenhouden. Het valt me nog mee, dat er in Rijswijk geen gemeentebode met een rode vlag voorop moet lopen, als een tram het dorp doorkruist. Hoe ver kun je de tram-fobie doordrijven? Héél ver, in een gemeente die al sedert 1865 op het HTM-net is aangesloten.

Na een rit van 31 minuten komen we aan bij het eindpunt. Ook hier dat treurniswekkende geklepel. Maandag stonden die bellen er volgens mij nog niet. In de bocht staat een treintje van drie gekoppelde PCC-trams. Vermoedelijk een generale repetitie voor de feestloze opening morgen en de PCC-dag op zondag. Jammer dat ik vandaag mijn camera niet bij me heb.

Van het eindpunt op het Lage Veld is het maar tien minuten lopen naar Wateringen. Dit Westlandse dorp is flink gegroeid en telt nu al bijna 20.000 inwoners. Toch zit het er niet in, dat de tram ooit naar Wateringen doorgetrokken zal worden. Gemeentegrenzen vormen soms onneembare barrières in vervoersnetten.

Ik loop naar het centrum van Wateringen en weer terug. Op het Lage Veld mis ik net de tram van 16.35. 8 Minuten later vertrekt de volgende.

De tram terug doorkruist Steenvoorde deze keer zonder noemenswaardig oponthoud van op rood springende negenogen, noch van instappende reizigers. Wat wonderlijk: vorige week puilden de bussen hier nog uit. Ook nu is de halte bij de Boogaard leeg en verlaten.

Het terras van de halve Halve Maan zit boordevol; het is tijd voor de vrijdagmiddagborrel. Daarna natuurlijk met het OV naar huis! In de Plaspoelpolder stappen tientallen mensen in; de forenzen hebben al een half jaar aan de tram kunnen wennen.

Ook deze rit duurt 31 minuten; HTM onderschat zijn eigen snelheid. Op Den Haag CS eindigt het vierde en laatste deel van een zeer uitvoerige reeks over lijn 17. De toon was hier en daar kritisch, maar laten we wel wezen: het lijntje heeft de belastingbetaler een bedrag gekost van negen cijfers vóór de komma. Mag je dan misschien bepaalde kwaliteitseisen stellen aan een hoogwaardige verbinding??”

Anno 2019
De komst van de tram heeft enige tijd op zich laten wachten. Café de Halve Maan, was tegen de komst van de tram. Dit kwam omdat het café precies op de plek lag waar de tram moest rijden. Uiteindelijk is het café verhuisd en kon de lijn worden doorgetrokken.

Twintig jaar later zijn wel enkele dingen gewijzigd. Zo heeft tram 17 vanaf 2007 t/m 2016 gereden naar Den Haag Statenkwartier en is het eindpunt gewijzigd naar Wateringen Dorpskade, dat in 2019 nog steeds het begin- of eindpunt is. Sinds 2016 rijden de nieuwe Avenio trams. Daarvoor werden de rood-beige trams gebruikt. Ook is de frequentie in 2019 iets lager dan die in 1999.

Nieuwsgierig geworden naar meer OV historie? Frans Mensonides heeft ook een verslag geschreven over de eerste paar dagen van tramlijn 17 tot aan de Volmerlaan. Verder is meer OV historie te vinden op zijn eigen website fransmensonides.nl, die hij al 23 jaar beheert.

Tekstverslag en alle foto’s: Frans Mensonides. Hoofdafbeelding Avenio: FLJ-photography.

Reageren